The topo is ready for the new season. There are some things to think about before going to one of the most pleasant area’s for bouldering in the summer. Last year we recieved the following from the locals in Averstal:
To ALL the magic-hoppers… its even getting uglier and uglier. just too many people up there this summer. and like everywhere else with a lot of people the probability of getting some idiots there is rising and rising. some dont pay the camping, just camp “wild” in the wood, litter the place, agressive against the campgroundwarden, dont dare to say hello to anybody, no respect for nature, no respect for anything…. (i have attached a text from the man running the campground which he posted on a german site). if the number of people (and the attached problems) are growing next year like it did this year, we have a good chance we will get serious problems with the local community and that everything will be shut down.
SO its VERY important that IF you see BAD behaviour —> to tell te people that they are wrong. very often they just dont know it better cause they have no idea about living in and with nature at all!!!
So please woud you set a link also to a new swiss-boulder-site with (some) brand new boulderspots in swizzy - so the boulder-traffic may will spread a bit wider and not everybody is sitting (and shitting) in magic wood.
http://www.bimano.ch
greez from (not to much magic the last weeks) magic-wood, martin
text from the campgroundwarden (thomas) in german:
Liebe Gäste des Magic Woods
Seit der letzten Wochen häufen sich die Reklamationen von der Gemeinde.
Es wird wieder vermehrt wild campiert! Wir möchten Euch nochmals darauf hinweisen, dass das Uebernachten nur auf dem Camping erlaubt ist! Wir wissen das im moment sehr viel los und der Camping teilweise überfüllt ist. Wir haben jedoch im Einverständnis der Gemeinde den Platz oberhalb des Camping (beim Campingverbots Schild) geöffnet. Wir bitten Euch diesen zu nutzen und Euer Fahrzeug dort abzustellen. Falls es keinen Platz für Zelte auf dem Camping hat, dürft ihr dieses auch dort aufschlagen.
Des weiteren bitten wir wiedereinmal um Eure Ehrlichkeit. Unzählige Besucher parken Abends, grillieren, benutzen die Toiletten, lassen ihren Müll zurück und verschwinden dann sang und klanglos.
Fahrzeuge welche ausserhalb des Camping zu übernachten versuchen werden einmal gewarnt. Bei 2.mal wird das Kennzeichen der Polizei gemeldet und eine Anzeige erstattet.
Weiter haben wir auf dem Camping 5 Dixie – Klo’s aufgestellt. Diese werden momentan 2 mal wöchentlich gereinigt. Wir wissen, dass diese nach ein paar Tagen anfangen zu stinken und geben unser Bestes um dies zu vermeiden.
Letztes Weekend haben wir mit Schrecken festgestellt, das der ganze Wald oberhalb des Camping “verschissen” ist. Wenn ihr unbedingt in den Wald müsst um Euer Geschäft zu erledigen, dann vergrabt die Scheisse und oder verbrennt das Toilettenpapier um keine Spuren zu hinterlassen.
Wir hatten Glück, das die Gemeinde nichts davon mitbekommen hat, ansonsten müssten wir wohl oder übel mit dem schlimmsten rechnen.
Als 3. Punkt wäre noch die Mülltrennung anszusprechen. Wir bitten die Besucher Büchsen, Plastik- und Glasflaschen getrennt vom restlichen Müll in den bereitgestellten Behälter zu entsorgen.
Hiermit appelieren wir nochmals an den gesunden Menschenverstand, welcher heute bei vielen leider nicht mehr vorhanden zu sein scheint.
Besten Dank für Euer Verständnis und auf bald im Magischen Wald.
http://www.bodhi.ch/magic-wood
Only if you take the above in mind you can download the new PDF!!
Van Ton van den Berg ontvingen we weer eens een verslag over een klimtrip naar een bijzonder bouldergebied! Enjoy!
Het laatste weekend van oktober was ik voor werk in de Verenigde Staten. Op internet had ik een topo van Jackson Falls gedownload en ik had maandag een afspraak in St. Louis geregeld zodat ik het weekend kon gaan boulderen in Southern Illinois.
Na een week regen, en zelfs sneeuw in Fargo waar ik vrijdag was voor een workshop, schijnt zaterdagochtend de zon. ‘What is that for?’, vraagt de taxichauffeur als hij mijn crashpad in de auto legt. ‘For climbing’, leg ik uit. ‘I thought it was a seat cushion for a very fat person.’ Ik zou in lachen uitbarsten als dit niet Amerika is, maar ik twijfel of het niet serieus is bedoeld.
Drie uur later neem ik met een gehuurde Ford afslag 7 van de Interstate 24 om de in herfstkleuren getooide heuvels van het Shawnee Forest in te rijden. Een prachtige landelijke weg langs kleine boerderijen brengt me in Ozark, het laatste dorpje voor het klimgebied. Stoere pickups staan slordig geparkeerd in de modder en de eigenaren drinken veel te slappe koffie en eten grote donuts. De gloednieuwe topo uit de etalage getiteld Sandstone Warrior heeft veel mooie foto’s en er zijn veel meer boulders in de buurt dan DrTopo beschrijft. Snel rijd ik over de onverharde weg tot de kampeerplaats bij Jackson Falls.
Verder in het bos aan een klaterende beek staan enkele auto’s en pub tentjes, maar rotsen heb ik nog niet gezien. Ik vraag aan iemand waar de rotsen zijn en tien minuten later volg ik met Jean-Marc de beek tot boven aan de waterval. We dalen af langs de steile zandsteen rotsen via een nat knopentouw en staan onderaan de schitterende Jackson Falls.
Er zijn een paar Amerikanen aan het klimmen op de Spleef peak. We gooien onze crashpads onder de Fawn wall en warmen op in een paar leuke korte boulders. Daarna lopen we verder langs een langgerekte zandsteen wand naar een indrukwekkende plaat: Yosemite Slab. Van bovenaf de wand drupt het water op de onderliggende boulders en die zijn dan ook behoorlijk vochtig. Toch vinden we een paar droge boulders zoals Crimp Master Flash V7 die ik probeer: één beweging aan extreem kleine greepjes. Ik stop ermee wanneer ik hard van één van de greepjes schiet en ik bang ben mijn huid te verliezen in de eerste boulder. Jean-Marc kan de crimpers wel vasthouden en hij klimt ook nog David en Goliath V7+ met een spectaculaire dyno aan het eind. In de Reefer Madness sector beginnen we met de klassieke kant The Getto Life V2 en springen wat in Wolverine V6, dat wil zeggen ik spring maar wat en Jean-Marc doet de dubbel dyno in de eerste poging. Terug in OBC vinden we het Berlier Problem V6, een mooie overhangende versnijding met een leuke mantel. We vullen de plas water onder de boulder met takken en stenen en klimmen de boulder beiden zonder problemen. Bij mij slaat de jetlag toe en ik zit heerlijk in de zon langs de beek terwijl Jean-Marc nog wat project aan de pusher en creek boulders. Terug op de kampeerplek drinken we een biertje en filosoferen wat over klimmen terwijl het donker wordt.
De volgende ochtend vertrek ik vroeg uit het hotel en ben ik om tien uur weer op de kampeerplek. We rijden tien minuten over het modderpad verder door het sprookjesachtige bos naar de Roost, waarvan de topo veel mooie, moeilijke routes beloofd. Een vaag pad loopt langs een beek tot aan een verborgen idyllisch meertje. In een warm zonnetje lopen we langs de eerste spectaculaire overhangen. Helaas zijn ook hier de meeste boulders nat. We lopen verder langs de spectaculaire rotsformaties die erg aan Berdorf doen denken. Het verschil is dat we deze ochtend hier alleen zijn en niet ver van tevoren toestemming hebben gevraagd om hier te mogen klimmen!
Uiteindelijk kiezen we voor Oriole V5, een mooie lijn in de zon op een terrasje boven het meer. De boulder stapt in aan twee slechte ondergrepen en heeft een verrassend dynamische voetplaatsing. Jean-Marc doet nog even de zitstart: Chuck Norris V9. Even verderop ligt een gigantisch blok, de Eiger, waarop nog een highbal project te openen is. Aan de kant van het meer, vinden we droge rots onder een overhang. Volgens de topo zit er een probleem meer naar rechts, maar dit stuk rots ziet er mooi uit en de traverse onder de overhang ziet er leuk uit. We beginnen aan twee knijpgreepjes waarna een paar fysieke bewegingen aan redelijke grepen volgen tot aan de sloperband, die de crux vormt, voor we de goede grepen in een spleet bereiken. Jean-Marc kan hem al snel klimmen en ook ik doe een aantal goede pogingen, maar hij lukt helaas net niet. Een nieuwe traverse van tien meter dus, we denken V7. Jean-Marc trekt nog een rotsblok uit de spleet en gooit die bijna op mijn hoofd. Dat laten we dus maar aan een ander over. Op de kampeerplek neem ik afscheid en rijd terug naar St. Louis. Het was een prachtig klimweekend: So Ill!
Afgelopen weekend was de voorspelling dat het iedere dag zou regenen. We zijn toch gegaan. Remmelt en ik hadden al lang geleden de afspraak gemaakt om dat weekend naar Bleau te gaan om moeilijke boulders uit te werken en daar hebben we ons aan gehouden. Marieke ging ook mee. We kozen voor Beaux Quartiers 8a in Bouligny. Hoewel we hard gewerkt hebben in Beaux Quartiers is het ons niet gelukt. Omdat de boulder erg moeilijk is maar ook omdat hij niet helemaal droog was. Marieke heeft de 6c uitklim ervan geprobeerd. Dan herinner ik me een scène uit de nieuwe video Between The Trees: Amok ligt aan de andere kant van de heuvel. De eerste avond gaan we net voor zonsondergang kijken. We zijn meteen verliefd. Wat een fantastische grepen en de bewegingen blijken ook prachtig te zijn. Die eerste dag kunnen we alleen de eerste twee passen maken. De derde kunnen we niet, de vierde durven we niet.
De tweede dag warmen we weer op in Bouligny. Ook de makkelijke boulders zijn er heel mooi. We klimmen een prachtige hoge kant op heerlijk nieuw zandsteen. Het bos is nat en ruikt naar rottende bladeren, de blokken in de wind zijn kurkdroog. Vandaag slaan we Beaux Quartiers over en gaan we snel in Amok kijken. Je kunt via de blokken ernaast in iedere pas instappen en vandaag durven we de laatste pas wel te maken en na wat werken lukt ook de derde pas los. We doen een paar serieuze pogingen maar we kunnen niet aan de sloper van de derde pas blijven hangen. Marieke gaat naar haar 6c en ik heb werk te doen voor het Avon-artikel voor BLOK 5. Met moeite laat ik Amok achter. Tijdens een flinke bui testen we de koffie in bar Rubis aan de markt van Fontainebleau en daarna weet Marieke zelfs nog la Lili 6c te klimmen! We eten in Porte de Bourgogne. Het restaurant waar we al jaren niet meer geweest zijn en het is een feest van herkenning. Maandag zou de slechtste dag zijn en onrustig ga ik slapen.
Marieke klimt bijna haar 6c en Remmelt slaat net te wild op de top van Amok
Al om tien voor zes ben ik wakker en gespannen lig ik te luisteren. Geen regen. De weersites op mijn iPhone geven weinig hoop. Op Accuweather zie ik dat er om negen uur een bui gaat vallen, om elf uur nog een en dan pas weer om drie uur. Om tien voor negen kan ik me niet meer stil houden en trommel ik Remmelt en Marieke uit bed. Als die bui van elf uur nou eens over waait dan… Het asfalt is kletsnat. De muren van de gebouwen zijn droog. Een croissant, koffie, we lullen over paardrijden maar mijn gedachten zijn bij de sloper in Amok. Buiten geen paraplus. Als ik even ga kijken lijkt zelfs de bewolking dunner te worden en de wind lijkt aan te trekken. De bui van negen uur komt niet meer. In de supermarkt kan ik mijn ongeduld nauwelijks verbergen. Het bospad naar Bouligny is vochtig. De blokken in de wind kurkdroog. Grijze wolken jagen hoog boven ons in noordoostelijke richting. Aan de horizon is het niet donkerder. Met moeite klim ik een 7a als opwarmer. Remmelt heeft er nog meer moeite mee vandaag. Onder Amok weet ik het zeker. Vandaag moet het gebeuren. Iedere poging gaat beter. De bui van elf uur waait ook over. Steeds heb ik de sloper maar ik kan niet door naar de top. De sloper is gewoon te slecht. Ik moet hem semi-arqué zien te pakken maar ik krijg hem niet om gepakt. Het is ongelooflijk hoeveel kleine stapjes verbetering er in één pas die net niet lukt kunnen zitten. Steeds kom ik iets dichter bij de eindgreep. Remmelt gaat slecht. Hij kan niet bij de sloper komen en heeft weinig vertrouwen. En dan sla ik ineens op de top! Niet eens in de greep maar ik kan blijven hangen en doorkrabbelen. Ik heb zojuist één van mijn mooiste boulders geklommen. Remmelt krijgt energie en het lukt hem om ook iedere poging hoger te komen tot ook hij op de top slaat maar het is te wild. En dan is de kracht op. De volgende keer gaat hij Amok zeker klimmen. In de plenzende regen rijden we naar huis. La Roux knalt door de luidsprekers. Wat een geluk.
Weekend 1
In oktober begint het boulderseizoen in Bleau. Het eerste weekend van oktober staan Dennis, Bernard, Fleur en ik paraat in het kersverse gebied Rocher d’Avon Ouest. We hebben er heel veel zin in. Vlug wat makkelijke dingen om warm te worden en het zandsteengevoel terug te krijgen en al snel staan we voor de traverse l’Antre-Chat 7a. Die gaat snel! We hebben er weinig moeite mee. Dat belooft wat! De volgende die we uitkiezen is de prachtige boeg Rose de Sable 7b. Niet te doen. Dan maar de spannend hoge Cronos Enchaîné 7a+. Met geen mogelijkheid. Bernard en Dennis gaan mooie en spannende hoge platen klimmen. Uiteindelijk kruip ik onder de boeg Fils de la Terre 7a+. Na heel veel pogingen sta ik op het blok. Ik ben bekaf.
Een groep blokken verder bakken we er ook helemaal niks van. De zessen gaan nog wel. Hoewel, Bernard en Dennis proberen le Lisse dans la Vallée 6c maar kunnen ook die niet klimmen. De fraaie muur Supplément d’Ahmès 7a lijkt onmogelijk. Met moeite vecht ik me door de slopertraverse Pulsion Récréative 6c (7a) en als het al bijna schemert pak ik na ontelbaar vaak springen eindelijk de top van Mekka, een nieuwe 7a/7a+ dyno. Het is de weinigbelovende eerste dag van een nieuw Bleauseizoen…
De volgende dag willen we revanche. Terug naar dezelfde boulders. Bernard maakt Pulsion Récréative af en Dennis en ik kunnen na lang vechten Supplément d’Ahmès klimmen. Mr Bleau.info Jean-Pierre Roudneff maakt een filmpje. Het zijn prachtige greepjes op een licht overhangende muur. Het ziet er helemaal niet moeilijk uit, maar meteen de eerste pas is bikkelhard (en die sla ik over met mijn methode). Met moeite klimmen Dennis en ik ook le Compte des Mille et Une Voies 7a. J-P filmt weer. Hij heeft vast heel wat opnamen van mislukte pogingen moeten wissen! De mannen van Steelfingers komen een dynoproject links van Mekka proberen. Jan de Smit zit een paar keer met zijn hand vol op de top maar hij kan deze niet fixeren. Een week later wordt de boulder door Neil Hart als Open Air 7b+/7c geopend. Met de Belgen gaan we la Dix-Huitième Dynastie 7b proberen. Jan Gorrebeeck en ik maken geen kans, Ivan ‘Steelfingers’ Moreels doet het ons uiteindelijk voor. En hij had ook al aan de anderen laten zien dat Supplément d’Ahmès helemaal niet zo moeilijk is… Om de dag af te sluiten klimmen Dennis en ik een hele mooie vijf op het eerste blok in deze sector: le Thébain de Soleil 5-. Wat een dag. Een mooie hoor, maar het klimniveau moet nog wel behoorlijk wat omhoog.
We hebben gelukkig nog een derde dag en we hebben nog zelfs nog een heel klein beetje power. Rocher Guichot. Lekker makkelijk. Boulderen vanuit de auto. Je moet dat beetje power dat er nog is niet aan lopen verspillen. Oranje, blauw, rood. Fleur komt tot blauw. Dennis geeft het op bij rood. Bernard perst er nog een pittige rode 5+ uit. Dan lukt me opeens Gorétatov 7b vrij makkelijk. Lag het in Avon dan toch meer aan de harde waarderingen dan aan ons niveau? Dan ga ik stoeien met Coin de Paradis 7a waarvoor ik pas na heel lang zoeken de oplossing vind. Bernard klimt hem ook. Alleen twijfelt hij aan de geldigheid van mijn oplossing…
Weekend 2
Half oktober. Herfstvakantie. Een dag voor vertrek boek ik voor het hele gezin de laatste en dus te dure maar heel mooie gîte in Bois-le-Roi. Honderd kilometer voor Parijs rijden we op de peage met een gigantische witte rookpluim achter ons aan. Koelsysteem kapot. Wachten op de sleepauto, kindertjes bang, garage in gat zonder treinstation, onderdeel moet besteld worden, duurt drie dagen. De auto laten staan en een andere huren is de enige oplossing. Hopsaké, nog eens 350 euro armer. Rond kinderbedtijd komen we aan in de gîte. Een prachtige villa in een rustig dorp. Hoge plafonds. Heerlijke bedden. Kindjes erin, verwarming aan, niks geen proviand dus verwarming maar weer uit en vroeg onder de wol.
We vinden dat we een Continental Breakfast in le Royal hebben verdiend om ons leed te verzachten. Bovendien is le Royal één van de weinige plekken in en rond Bleau waar ze een acceptabele cappuccino schenken. Acceptabel qua smaak dan. Qua prijs dan weer niet. Sms van Mike Woning. Jawel; Mike Woning. Kennen jullie die nog? Hij is ook in Bleau met zijn gezin en hij gaat boulderen! Uit mijn lijstje voorstellen kiest hij het nieuwe gebied la Patouillat met lekker veel makkelijke boulders. De lucht is blauw. De luchtvochtigheid laag en de temperatuur aangenaam fris. Na een uurtje boulderen trekken we de conclusie dat de makkelijke boulders hier niet zo mooi zijn en dat alleen de moeilijkste boulder, Angle Imparfait 7a, de moeite waard is. Net als vorige week moet ik diep gaan. Kanten zijn eigenlijk altijd moeilijk. Gelukkig is deze niet zo moeilijk als Angle Parfait en na wat ploeteren durf ik ook de laatste pas naar de bak dynamisch aan te zetten.
Iker en Lies vermaken zich in Patouillat beter dan Inge, Irma en Mike maar ik ben in mijn nopjes met Angle Imparfait
Er is helemaal geen reden toe, maar ondanks deze matige start barst ik van het zelfvertrouwen. Ik stel voor om naar Bois Rond te rijden. Met maar één reden. Remmelt smst vanuit Rocher Fin: ‘Het is toch veel te warm voor Lucky Luck! Morgen Isatis?’. Als ik onder mijn langstlopende project in dit bos sta, is net de zon uit de wand verdwenen. Super! In december 2000 probeerde ik de drie passen voor het eerst. Ik ga een zesde dag aan de extreme passen spenderen. In oktober 2007 sloeg ik voor het eerst en voor het laatst meerdere malen met een volle hand op de top (laatste boulder van het filmpje, de foto die je Joost ziet maken in de video staat op zijn site). Daarna ben ik er niet meer terug geweest. Er staan tickmarks bij een andere eindgreep dan waar ik in al mijn vorige pogingen steeds naartoe sloeg. De getickte greep is beter, maar zit net iets verder weg. Ik besluit vandaag voor die greep te gaan. Mijn eerste poging is best goed, ik kom maar acht centimeter te kort. In de volgende pogingen kom ik steeds dichterbij totdat ik een putje trek in mijn rechter schoen. Het treetje waar ik op sta is klein en behoorlijk scherp. Het lukt me niet meer om met die schoen op het treetje te staan. Velcro’s uit, Cobra’s aan. Vaak laat ik me door dit soort tegenslagen zenuwachtig maken. Vandaag lukt het me cool te blijven. Dan maar zonder lievelingsschoenen. Remco Geurts komt ook meedoen. Iedere poging komt hij een stukje hoger in de boulder en iedere poging kom ik een centimeter dichterbij de top totdat ik met mijn vingertoppen de eindbak net kan voelen. En dan stagneert het. Vaak slaat op zo’n moment de twijfel toe. Is het wel de juiste methode? Vandaag lukt het me cool te blijven. In de volgende poging bedenk ik een andere voetplaatsing en weer kan ik de eindgreep met mijn vingertoppen aantikken. De nieuwe voetplaatsing voelt goed aan en ik heb het idee dat ik ook hoger moet kunnen springen als mijn timing en lichaamshouding precies goed is. Voor de zoveelste keer klim ik via de achterkant van het blok omhoog om de grepen van bovenaf te poetsen. Pads goed, schoenen schoon en precies genoeg magnesium aan mijn handen. Er staan ondertussen heel wat mensen te kijken. Als ik de sprongstart van de boulder maak, verstomt het geroezemoes. Het is doodstil, Mike fluistert in Inge’s oor dat het nu gaat lukken. De sloper voelt perfect aan, het kleine crimpertje ook. Ik kan verder dan voorheen mijn lichaam omlaag brengen om harder af te zetten dan ooit. Mijn voet blijft op het hoge minitreetje staan en met een felle klap land mijn volle hand op de eindgreep. De wereld lijkt twee seconden stil te staan. Ik hoor niks. Niemand beweegt. Ook mijn lichaam is precies op het dode punt tot stilstand gekomen. Dan barst er een gejoel los en kan ook ik een vreugdekreet niet onderdrukken. Terwijl ik nageniet klimmen Inge, Irma en Mike de fantastische blauwe plaatboulder net achter Lucky Luke. Remco kan in zijn laatste poging aanzetten naar de top. Die avond vinden Lies en Iker in de gîte twee poppetjes van Lucky Luke op Jolly Jumper en is er een item op televisie over een nieuwe speelfilm: Lucky Luke…
Het lukt me niet om voor de foto Lucky Luke nog een keer te klimmen en in de gîte zijn ze alle twee; Bad Luck en Lucky Luke!
Isatis, 12:00 uur. Remmelt heeft last van zijn rug. Marieke heeft last van haar heup. Ze komen wat later. Wij beginnen in Franchard Sablons. Ook daar is één boulder die boven de rest uitsteekt: Modulor. Die zag ik voor het eerst in 2002 toen ik foto’s maakte van Remco Zuurbier voor mijn eerste gids. In 2006 probeerde ik hem maar ik kon de cruciale toehook maar niet goed gelegd krijgen. Ook in 2007 lukte het me niet, al bleven mijn tenen wel een paar keer liggen en kon ik doorpakken naar de redelijke greep hoog op de kant. In dat jaar klimt Remmelt Modulor wel en op het filmpje is de prachtige oplossing voor deze unieke boulder goed te zien.
Remmelt Dirksen toont de dubbele toehook in Modulor
Vandaag lukt Modulor op precies dezelfde manier. Gelukkig verspil ik weinig kracht, die zal ik immers hard nodig hebben in het project in de buurt dat ik nog veel liever klim. Ik wil het vandaag hetzelfde aanpakken als gisteren. Niet te veel klimmen, niet te veel pogingen, de pogingen goed analyseren, cool blijven en afmaken. Irma en Mike vechten in een naamloze boulder waarvan we de waardering niet kennen. Het is een mooi boegje met een zitstart en een paar fysieke passen aan mooie ronde grepen. Mike mist een hoop power maar beiden kunnen ze alle passen. Ik schat de waardering op 5+ of 6a en ze verklaren me voor gek. Het uitwerken heeft ze te veel kracht gekost en het lukt ze vandaag niet om de boulder af te maken.
In Isatis komen we Marieke, Remmelt, Isolde en Paul tegen. Remmelt heeft veel pijn en kan niet klimmen. Mijn pad gaat onder Gnossienne en ik lummel lang rond tot ik een poging aandurf. De eerste poging is meteen gelijk aan mijn beste poging ooit. Ook in deze boulder pas ik mijn methode aan. De wrijving is perfect en ik vertrouw erop dat ik de sleutelgreep vandaag kan overpakken. Iets wat in eerdere pogingen nooit lukte. Mijn vingers zijn sterk vandaag en ik kan redelijk makkelijk alle kleine randjes in de hoge, licht overhangende muur fixeren. In de tweede poging lukt het overpakken en kan ik voor het eerst het randje ver links pakken. Ik roep om een spotter en Paul komt gelukkig snel aanstormen. Helaas moet ik te lang zoeken naar de juiste treetjes maar vol zelfvertrouwen spring ik eruit. Het kan! In 2002 voelde zelfs de instap hopeloos aan, in april 2009 ging het al een stuk beter maar toen kwamen Dennis, Remmelt en ik niet voorbij de sleutelgreep. Ik begreep gewoon niet hoe het moest gaan lukken maar vandaag ben ik ervan overtuigd dat ik Gnossienne ga klimmen. De volgende poging is het al bijna raak maar ik schrik behoorlijk van de uitklim. Op de top zitten helemaal geen grepen! Mijn handen glijden over de aflopende rots tot ik los moet laten. Waarom ik zeker weet dat de volgende poging raak zal zijn kan ik niet uitleggen. Zo voelt het gewoon. Maar de aflopers op de top zijn echt niet beter geworden. Remco Zuurbier komt langs gelopen. Hij klimt bijna niet meer maar hij is toevallig vandaag in Isatis. Hij slentert verder. De passen omhoog gaan snel en precies, het overpakken gaat goed, voet heel hoog op de slechte tree en de pas naar het randje links gaat ook. Ik ga met meer overtuiging naar de aflopende top en hoewel mijn hand langzaan wegglijdt kan ik toch met links doorpakken naar een vage bobbel en mijn voet hoog op het randje krijgen. Ik kukel bijna achterover maar opeens heb ik de bevrijdende greep vast. Zittend op de top zie ik Remco langs de achterkant van het blok slenteren. Zoals alleen hij dat kan. Hij grijnst zijn karakteristieke grijns als ik vertel dat Gnossienne gelukt is en ik vertel hem dat ik die ochtend ook Modulor heb geklommen. Zeven jaar nadat ik hem erin gefotografeerd heb.
Modulor klim je met een flink oppervlak van voeten en handen, Gnossienne alleen met de punten van tenen en vingers
Remmelt en Marieke rijden naar huis. Mike en Inge zijn gisteren al vertrokken. Isolde en Paul gaan naar Canche. Wij naar Sablons voor de naamloze boeg van Irma. We warmen op in blauwe boulders en een enkele rode. Irma laat een derdegraads plaat winnen maar kan al na een paar pogingen de boeg klimmen. We schatten nu 6b+. Het is vandaag helemaal niet zo goed weer en nu Irma haar project heeft geklommen mag ik verzinnen waar ik heen wil. Morgen, onze laatste dag, gaat het zeker regenen. Er zijn wel meer prachtige klassiekers die al lang op mijn to-do-list staan maar vandaag heb ik minder zelfvertrouwen. Ik besluit naar Cuvier te gaan. Het is een doordeweekse dag, dus geen gekkenhuis daar en ik kan er kiezen tussen Contrôle Technique 7c+, Plats Toniques 7c en Vert Clair 7b+. Al naargelang de vorm en de condities kan ik de juiste boulder kiezen.
De condities in Cuvier zijn niet best. Zo heel af en toe voelen we zelfs een druppel. Ik ga voor veilig. Ik wil deze trip met een goed gevoel afsluiten en niet het risico lopen de laatste dag met een onafgemaakte boulder te blijven zitten. In maart kon ik aan het eind van een weekend maar net Vert Clair niet afmaken en dat afmaken moet dan nu maar gebeuren. In een filmpje had ik een andere methode gezien dan de mijne en met die informatie lukt het mooie dakje snel. Nog even twijfel ik; toch nog snel naar Contrôle Technique? Een volgende druppel houdt me hier onder het dak. Misschien lukt de zitstart. Dat is nog een heel gevecht. De eerste pas is knalhard en net als de eerste boulder van deze trip kost deze me heel veel tijd. Na heel veel pogingen en rondjes door Cuvier en verschillende klimmers die naast me pogingen doen in Holey Moley komt Daan Zürlohe kijken. Het is laat en het wordt waarschijnlijk de laatste poging van de dag. Alles of niks. Bij de instap weet ik het al: het wordt alles. Een extra kijker op het juiste moment helpt bij mij altijd.
Irma klimt de naamloze boeg die ze op bleau.info 6c+ noemen en Lies vertelt in de gîte hoe het zit